Informatie voor het bibliotheeknetwerk

MAKERLAB in Rivierenland: ‘Begin bij de community’

Nieuwsbericht
Vergelijken
29 september 2021
In de bibliotheek in Tiel benutten ze de subsidie die ze van de Stichting Pica ontvingen voor de doorontwikkeling van hun op basisschoolleerlingen gerichte medialab tot een makerplaats voor iedereen. Projectleider Lara Coomans zet er met veel plezier en doorzettingsvermogen de schouders onder.
Inhoudsblokken

Ook als je vrij nieuw bent in bibliotheekland, is het niet moeilijk direct enthousiast te worden van de mooie ontwikkelingen rondom makerplaatsen, die op steeds meer plekken opduiken. Dat weet ook Lara Coomans, als projectleider verantwoordelijk voor de nieuwe makerplaats in de bibliotheek van Tiel. Het is een van de vier MAKERLAB-bibliotheken die van de Stichting Pica subsidie ontvingen om een makerplaats op te richten of naar een hoger niveau te tillen.

‘Toen ik hoorde dat je je kon inschrijven voor dit traject, was ik direct enthousiast,’ herinnert Coomans zich. ‘Ons medialab is nu vooral gericht op techniek, programmeren en maken. Verder trekken we met ons aanbod in de praktijk vooral kinderen van de basisschoolleeftijd. We willen graag een groter publiek bereiken met een bredere insteek.’

Uitnodigende inrichting

De subsidie helpt om de makerplaats in Tiel op een uitnodigende manier in te richten. ‘Daar komen best wat uitdagingen bij kijken,’ vertelt Coomans. ‘Wij zitten bijvoorbeeld in een huurpand, waar we nauwelijks een spijker in de muur mogen slaan. Het verplaatsen of neerzetten van een muur is dus geen optie – terwijl we dat wel zouden willen, aangezien onze makerplaats zich in een open ruimte bevindt. Dat is niet altijd handig: onze apparaten kunnen behoorlijk wat herrie maken en kunnen niet allemaal zonder hulp bediend worden, zoals een lasersnijder. We willen daarom een grote kast laten maken, die als afscheiding fungeert, en tegelijkertijd voor meer opbergruimte zorgt.’

Het ontwerp van de nieuwe inrichting is voortgekomen uit gesprekken met de doelgroep en partners, onder begeleiding van TU Delft en Hogeschool Rotterdam. ‘We zijn ook veel gaan kijken bij andere makerplaatsen door het hele land. Op die manier kwamen we er steeds beter achter wat we precies wilden. In Deventer bevindt de makerplaats zich bijvoorbeeld ook in een open ruimte. Daar staan sommige apparaten op wieltjes, zodat ze kunnen worden opgeborgen als ze niet worden gebruikt. Zulke oplossingen hadden we zelf nog niet bedacht.’

Het project heeft erg geholpen focus aan te brengen, aldus Coomans. ‘Ik wil veel te veel en alles tegelijk. Aanvankelijk hadden we meteen drie doelgroepen geformuleerd: niet alleen kinderen, maar ook jongeren en nieuwkomers. Uiteindelijk hebben we alleen voor jongeren gekozen, anders wordt het simpelweg te veel. Met die doelgroep hebben we bovendien al een mooie samenwerking lopen: Beeldbrengers, jonge mediamakers uit heel Gelderland, komen al bij ons in het medialab.’

Afbeelding
Afbeelding
Riverenland - Makerlab

Samenwerkingsjeuk

Toch blijft het jeuken om met nieuwe doelgroepen in gesprek te gaan. ‘We hebben ook gesprekken lopen met partners die zich bezighouden met kwetsbare groepen die basisvaardigheden missen, of mensen die de Nederlandse taal nog niet goed machtig zijn. Dat is soms een uitdaging: we hebben onze eigen focus bepaald, maar als we worden benaderd, zeggen we natuurlijk geen nee. Misschien krijgen we die luxe in de toekomst.’

Hoe ziet het traject eruit? ‘We hoopten dat we eind september al konden beginnen met bouwen, maar we merken toch dat we meer tijd nodig hebben om het perfecte ontwerp te creëren,’ aldus Coomans. ‘Onderdeel van dit proces is dat we soms weer terug moeten naar de tekentafel.’

Als onderdeel van het onderzoekstraject zijn door studenten van de TU Delft prototypes ontworpen die passen bij de ambities van de makerplaats. ‘We waren meteen weg van hun ideeën, maar helaas hebben we niet overal de financiële middelen voor,’ legt Coomans uit. ‘Zij hadden in hun tekening bijvoorbeeld klaptafels aan de wanden opgenomen, maar dat past niet binnen ons budget.’

Toch zijn ze in Tiel al volop aan de slag. ‘De programmering in ons medialab loopt gewoon door. Ook de apparaten zijn al binnen; de eerste drie activiteiten waarbij we ze kunnen gaan gebruiken, staan al gepland.’

Ook in andere bibliotheken, zoals die in Geldermalsen, bevindt zich al een medialab. Hoe is de keuze voor de uitbreiding in Tiel tot stand gekomen? ‘We hadden hier de uitbreidingsmogelijkheden qua ruimte. Bovendien is dit een heel mooie bibliotheek. Toch blijven we ons ervan bewust dat we niet alles in één vestiging moeten investeren. Ook andere locaties kunnen een makerplaats als deze goed gebruiken. Als we de apparatuur goed kunnen verdelen, doen we dat. Deze bibliotheek is een pilot, die we later hopelijk verder kunnen uitrollen.’

Directiesteun

Coomans prijst zich gelukkig dat de directie haar plannen steunt. ‘We hebben een mooi subsidiebedrag ontvangen, maar dat betekent niet dat we niet zelf hoeven te investeren. De helft van dat bedrag gaat al op aan de aanschaf van nieuwe apparatuur. Aanvullende financiering is dus noodzakelijk – vanuit een extern potje of vanuit je eigen portemonnee. Dat is alleen maar goed: zo blijven we zelfstandig. Dit traject is een prachtig cadeau.’

Wat is Coomans’ belangrijkste les binnen dit traject? ‘Begin bij de community. Daar draait je makerplaats tenslotte om. Bekijk of je vrijwilligers de juiste kennis in huis hebben voor de programma’s die je wilt aanbieden. Wanneer dat niet het geval is, moet je elders op zoek. Denk ook goed na over wie de makerplaats wil gebruiken. Wij richten ons op dit moment vooral op organisaties, zoals onderwijsinstellingen, en niet alleen op individuele burgers. Zo hopen we snel meer mensen te bereiken.’

De snelle groei van het aantal makerplaatsen in Nederland laat wat Coomans betreft zien hoe graag de betrokken medewerkers de schouders eronder zetten. ‘We kennen de bibliotheeksector misschien als een wat trage branche, maar deze rappe ontwikkelingen bewijzen het tegenovergestelde. Niet te veel afwachten, maar gewoon doen, is het devies. Ga gewoon een eerste activiteit organiseren. Wees daarbij eerlijk tegen de bezoeker dat jij ook niet alles weet. Je hoeft niet vanaf dag één boven de stof te staan.’

Over MAKERLAB

MAKERLAB is een proeftuin voor vernieuwing rondom makerplaatsen in bibliotheken. Binnen dit tweejarige project wordt ontwerpend onderzoek gedaan naar de programmering en inrichting van makerplaatsen in hun specifieke lokale context, en worden nieuwe methodes ontwikkeld voor het monitoren van de impact van makerplaatsen. Het project is een samenwerking van TU Delft, Hogeschool Rotterdam, Fers en de KB. In het eerste jaar zijn  Bibliotheek Hoeksche Waard, Bibliotheek Hengelo, Bibliotheek Rivierenland en Bibliotheek Zuidoost Fryslân de pilotbibliotheken. In het tweede jaar worden nieuwe bibliotheken geworven. Het onderzoek loopt van 1 januari 2021 tot 31 december 2022.