Informatie voor het bibliotheeknetwerk
  1. Taalvaardigheid

Welk aanbod hebben bibliotheken op het gebied van taalvaardigheid?

Groot aanbod gebruik collectie en computers

Het aanbod op het gebied van taalvaardigheid bestaat, net als vorige jaren, veelal uit het gebruik van de collectie (97%) en/of computers (92%), en non-formeel advies, doorverwijzing en intakes (91%). Bij negen op de tien bibliotheken kunnen burgers terecht voor een Taalcafé (86%) en voor één op één oefenen met taalvaardigheid, bijvoorbeeld met een Taalmaatje en/of Kletsmaatje (86%). Ook bieden veel bibliotheken landelijk ingekochte programma’s, zoals de taalprogramma’s van Oefenen.nl (83%). In 2021 is 4.520 keer geoefend met een taalprogramma (Stichting Expertisecentrum Oefenen.nl, 2022).

Het aanbod op het gebied van taalvaardigheid is hoofdzakelijk van non-formele aard. Formeel cursusaanbod wordt voornamelijk aangehaald om naar door te verwijzen (Van de Hoek & Van de Burgt, 2020) en wordt nauwelijks door de bibliotheken zelf aangeboden (6%). Naar schatting van de bibliotheken wordt het aanbod op het gebied van taalvaardigheid voornamelijk gebruikt door NT2-deelnemers (86%) en beduidend minder door NT1-deelnemers (14%).

Bibliotheken verzorgen non-formeel cursusaanbod vaak zelf

De meeste bibliotheken die non-formele cursussen, opleidingen en oefenprogramma’s aanbieden, verzorgen deze zelf. Meestal doen zij dat volledig (60%). Circa een kwart van de bibliotheken besteedt de cursussen voornamelijk uit aan een andere partij en treedt zelf op als coördinator of facilitator (24%).

Figuur 7: Jouw bibliotheek bood in 2021 producten en diensten op het gebied van taalvaardigheid aan. Om welke gaat het?

Figuur 8: Jouw bibliotheek bood in 2021 non-formele cursussen en opleidingen op het gebied van taalvaardigheid aan. Wie verzorgt deze?

(digi)Taalhuis aanwezig in negen op de tien bibliotheekorganisaties

Een (digi)Taalhuis is een lokale of regionale samenwerking tussen diverse partners, zoals de gemeente, bibliotheek, ROC’s, private taalaanbieders en vrijwilligers- en welzijnsorganisaties. Tevens is het de fysieke plek waar mensen terechtkunnen als ze zich verder willen ontwikkelen op het gebied van basisvaardigheden. Ook voor de vrijwilligers die hen helpen is het Taalhuis het centrale punt. Een Taalhuis voldoet aan de bouwstenen van een duurzaam Taalhuis, zoals deze zijn afgesproken tussen Stichting Lezen en Schrijven en de KB.

Van alle basisbibliotheken met NT1 en/of NT2 aanbod had 96% in 2021 minimaal 1 (digi)Taalhuis in haar werkgebied. Dat komt gemiddeld neer op 1 (digi)Taalhuis per 49 duizend (volwassen) inwoners in het werkgebied. In 84% van alle (digi)Taalhuizen in het werkgebied had de bibliotheek een coördinerende rol. Hoe groter het werkgebied van de bibliotheek (in aantal inwoners), hoe meer (digi)Taalhuizen zich in het werkgebied bevinden. De meeste bibliotheken bieden in de bibliotheek zelf een (digi)Taalhuis aan: 91% van de bibliotheekorganisaties huisvestte in 2021 minimaal één (digi)Taalhuis.

Figuur 9: Hoeveel (digi)Taalhuizen bevonden zich in 2021 in het werkgebied van jouw bibliotheekorganisatie?

Figuur 10: Hoeveel van de (digi)Taalhuizen in het werkgebied bevonden zich in 2021 in een bibliotheekgebouw?

Cyclus van laaggeletterdheid doorbreken

De periode voordat kinderen naar de basisschool gaan, is essentieel in de taalontwikkeling en het voorkomen van laaggeletterdheid. Voorlezen vormt daarvan het startpunt: het zorgt voor een grotere woordenschat en betere schoolprestaties (o.a. Bus et al., 1994). Ouders die zelf moeite hebben met taal, ontbreekt het echter aan (een deel van) de vaardigheden om deze taalontwikkeling voldoende te stimuleren bij hun kinderen. Door ouders binnen taalarme gezinnen te ondersteunen bij het stimuleren van de taal- en geletterdheids-ontwikkeling van hun (jonge) kinderen, zetten bibliotheken vanuit één gezinsaanpak zowel in op preventie (bij kinderen) als op curatie (bij de ouders) van laaggeletterdheid (Lankhorst & Raaijmakers, 2019). Deze aanpak sluit aan bij een van de tien maatregelen uit de Vervolgaanpak Laaggeletterdheid 2020-2024: Effectieve preventieve aanpak – een landelijk ondersteuningsprogramma voor leesbevordering, met focus op laagtaalvaardige gezinnen (Van Engelshoven et al., 2019).

Meer bibliotheken aan de slag met de gezinsaanpak

In 2021 konden laagtaalvaardige ouders bij meer bibliotheekorganisaties terecht voor aanbod rondom het gezin (86%). De meeste bibliotheken bieden in dit kader ondersteuning aan in de vorm van de voorleestrajecten (63%). Circa de helft van de bibliotheken organiseert activiteiten voor ouders en kinderen in de bibliotheek (49%), 46% werkt met een Boekstartcoach en 40% hanteert de integrale gezinsaanpak in de bibliotheek, waarbij bijvoorbeeld het Taalhuis en de BoekStarthoek of ander jeugdaanbod fysiek met elkaar verbonden zijn. Naast de activiteiten in de bibliotheek worden ook activiteiten en bijeenkomsten in de wijk, in de kinderopvang, op scholen en aan huis georganiseerd om laagtaalvaardige ouders te bereiken.

Figuur 11: Jouw bibliotheek bood in 2021 producten en diensten op het gebied van gezin (laagtaalvaardige ouders) aan. Om welke gaat het?

Voorschoolse educatie in de bibliotheek

Meer informatie over de VoorleesExpress en BoekStartcoach en het overige aanbod rondom voorschoolse educatie in de bibliotheek is terug te vinden in de volgende publicaties van Bibliotheekinzicht.