Informatie voor het bibliotheeknetwerk

Dossier Impact

Over de grenzen: hoe meet men impact in het buitenland?

Internationale voorbeelden van onderzoek naar de impact van bibliotheken
Er is een groeiende vraag naar de cijfermatige onderbouwing van de waarde van bibliotheken. In Nederland, maar ook in het buitenland. Hieronder een greep uit de vele onderzoeksinitiatieven die de afgelopen vijf jaar internationaal door bibliotheken werden opgezet om impact te meten.
Lezende jeugd

Verenigde Staten: Project Outcome

De Amerikaanse Public Library Association ontwierp een gratis toolkit waarmee openbare bibliotheken de maatschappelijke impact van hun diensten kunnen meten. Met de instrumenten die in Project Outcome worden aangeboden, kunnen zij in kaart brengen op welke manier ze bijdragen aan een betere maatschappij. De gestandaardiseerde vragenlijsten in de toolkit zijn toegespitst op zeven belangrijke bibliotheekdomeinen, waaronder digitaal leren, werkvaardigheden en betrokkenheid bij de samenleving. Via een dashboard kunnen bibliotheken hun eigen onderzoeksgegevens analyseren en downloaden. De onderzoeksresultaten worden ook op landelijk niveau geanalyseerd. Wat blijkt? Deelnemers aan bibliotheekprogramma’s zeggen massaal door de bibliotheek nieuwe kennis en vaardigheden te hebben opgedaan en zich ook zekerder te voelen in het toepassen daarvan.

Instructie computergebruik

Basisvaardigheden in Barcelonese bibliotheken

Ook in Spanje voelen openbare bibliotheken de druk om hun effectiviteit en bijdrage aan de gemeenschap zichtbaar te maken. Daarom lieten bibliotheken in Barcelona de afgelopen jaren diverse impactstudies uitvoeren naar de effectiviteit van activiteiten op het vlak van educatie en leesbevordering. De resultaten laten een overwegend positief beeld zien. Zo leiden makkelijk lezen-clubs voor laagtaalvaardige burgers tot een toename van de leesfrequentie en de verbetering van de taalvaardigheid. En ook de trainingen op het gebied van digitale vaardigheden blijken effectief: senioren rapporteren een toename in hun gebruik van het internet en communicatieapps als gevolg van de training.

Moeder leest kind voor

Australië: een beter begin door de bibliotheek

Het westen van Australië kampt met een hoge mate van laaggeletterdheid: 44% van de Australiërs beschikt niet over de vaardigheden om in het dagelijks leven en op de werkvloer te kunnen functioneren. Al op vijfjarige leeftijd zit 17% van de West-Australische kinderen in de gevarenzone: hun taal- en cognitieve vaardigheden zijn ruim onvoldoende. Deze zorgwekkende cijfers leidden in 2004 tot een ondersteuningsprogramma van de State Library of Western Australia voor 233 bibliotheken: Better Beginnings. Vanuit dit programma - vergelijkbaar met het Nederlandse BoekStart – ontvangen Australische kinderen bij hun geboorte, op twee- en vierjarige leeftijd een pakketje met boekjes. Hiermee wil men het voorlezen aan en de taalvaardigheid van kinderen verbeteren. Uit evaluatieonderzoek van de Edith Cowen University blijkt dat men op de goede weg is: ouders rapporteren dat zij door het programma meer zelfvertrouwen hebben om met hun kinderen te lezen, dat zij vaker voorlezen en dat zij vaker met de kinderen naar de bibliotheek gaan. 

Kinderen achter pc

Wereldwijd: Toegang tot ICT door het Global Libraries Program

Hoe profiteren burgers van de toegang tot ICT in de bibliotheek? Die vraag stond centraal in verschillende onderzoeksprojecten die werden uitgevoerd binnen het ‘Global Libraries Initiative’. In de periode 2002 en 2018 verstrekte de Bill & Melinda Gates Foundation vanuit dit programma verschillende meerjarensubsidies aan ontwikkelingslanden. Met de subsidies konden bibliotheken hun ICT-infrastructuur verbeteren en burgers de toegang bieden tot informatie om hun welzijn op verschillende gebieden te vergroten. De verschillende onderzoeken die wereldwijd werden uitgevoerd, laten zien dat burgers inderdaad profiteren van de verbeterde ICT in hun bibliotheek. Bezoekers geven aan beter toegang te ervaren tot informatie en technologie en hier door training ook beter mee om te kunnen gaan. Dat zorgt voor positieve verbeteringen in bijvoorbeeld hun relatie met familieleden, hun de academische prestaties en hun de arbeidspositie.