Informatie voor het bibliotheeknetwerk

Bibliotheken en de samenwerking met het primair onderwijs

  1. Samenvatting

Samenvatting van dit onderzoek

Bibliotheken leveren in Nederland een belangrijke bijdrage aan leesbevordering en digitale geletterdheid voor jongeren van 4 tot en met 12 jaar. Dit doen ze onder andere in samenwerking met het primair onderwijs – met landelijke programma’s zoals de Bibliotheek op school, maar ook in lokaal ontwikkelde programma’s en initiatieven. Dit onderzoek brengt jaarlijks in kaart hoe bibliotheken en scholen invulling geven aan deze samenwerking.

9 op de 10 scholen werken samen met de bibliotheek

Alle openbare bibliotheken werkten in het schooljaar 2022-2023 samen met het primair onderwijs. In totaal werd samengewerkt met 6.137 schoollocaties: circa 9 op de 10 schoollocaties die zich in het werkgebied van de bibliotheken bevinden. Met 3.493 van deze schoollocaties is er een structurele samenwerking; met 2.644 schoollocaties wordt samengewerkt zonder contract of gezamenlijke inspanningsafspraken. Met 5.719 van deze scholen werd samengewerkt op het gebied van leesbevordering, met 1.881 scholen op het gebied van digitale geletterdheid en met 1.679 scholen rondom cultuureducatie.

Sterke groei in het aantal verkennende gesprekken voor de Bibliotheek op school

In 2022-2023 werkten 124 van de 134 basisbibliotheken structureel samen met het primair onderwijs volgens de aanpak van de Bibliotheek op school of een vergelijkbare aanpak. Met 2.498 schoollocaties (36% van alle schoollocaties) werd samengewerkt volgens de aanpak de Bibliotheek op school primair onderwijs; met nog eens 836 locaties (12%) volgens een vergelijkbare aanpak. Hiermee werden in totaal 658 duizend leerlingen bereikt. Voor komende jaren is een toename van het aantal samenwerkingen te verwachten, mede als gevolg van extra middelen die het ministerie van OCW in het kader van het Masterplan basisvaardigheden heeft uitgetrokken. In 2022-2023 steeg het aantal verkennende gesprekken voor nieuwe samenwerkingen al sterk. Er werden 733 verkennende gesprekken gevoerd voor een samenwerking rondom de Bibliotheek op school (t.o.v. 144 in 2021-2022) en 226 voor een samenwerking rondom een vergelijkbare aanpak (t.o.v. 67 in 2021-2022).

Aandeel kinderen dat lid is van de bibliotheek stijgt verder

Van 2020-2021 op 2021-2022 steeg het aandeel kinderen van 4 tot 12 jaar in het werkgebied van de bibliotheken dat lid is van de bibliotheek van 69% naar 71%. In 2022-2023 zette deze groei door. In totaal was 75% van de kinderen in het werkgebied van de bibliotheken lid van de bibliotheek. Van het aantal leden leende 62% minimaal één keer boeken of ander fysiek materiaal. 

Groei in het aanbod aan diensten en activiteiten

Bibliotheken bieden in de samenwerking met het primair onderwijs veel verschillende diensten aan op het gebied van leesbevordering en digitale geletterdheid. Vrijwel al deze diensten werden in 2022-2023 door meer bibliotheken aangeboden dan in het voorgaande schooljaar 2021-2022. Zo bieden steeds meer bibliotheken collectieadvies aan scholen (90%), ondersteuning bij activiteiten en werkvormen op school (90%) of advies rondom het taal- en leesbeleid op school (86%). De meest aangeboden activiteit blijft een groepsbezoek aan de bibliotheek: 97% van de bibliotheken bood deze dienstverlening aan in 2022-2023. Rondom digitale geletterdheid zijn de meest aangeboden diensten het uitvoeren van of ondersteunen bij activiteiten op school (79%), het faciliteren van een groepsbezoek aan de bibliotheek (62%) en het voordoen van activiteiten en werkvormen op school (51%).

Bibliotheken zetten meer personeel in voor de samenwerking met het primair onderwijs

Gemiddeld hebben bibliotheken 4,3 fte per week beschikbaar voor de samenwerking met het primair onderwijs. Dat is een stijging ten opzichte van de afgelopen drie schooljaren, toen het gemiddeld om 3,5 fte per week ging. Ook zetten bibliotheken gemiddeld meer verschillende typen medewerkers in en stijgt het aandeel bibliotheken dat voor de samenwerking ook vrijwilligers inzet.  Vrijwilligers werden onder andere ingezet voor activiteiten met betrekking tot voorlezen (56%), assistentie in de schoolbibliotheek (47%) en assistentie bij evenementen (34%). Toch blijft de personele bezetting voor veel bibliotheken een knelpunt.

Bibliotheken werken met meer partnerorganisaties samen

Gemiddeld werken bibliotheken in de samenwerking met het primair onderwijs samen met 5 verschillende partnerorganisaties. Het vaakst wordt samengewerkt met de gemeente(n) (92% van de bibliotheken), de POI (86%) en de Schrijverscentrale en/of Schoolschrijver (83%). In vergelijking met vorig schooljaar werkten meer bibliotheken samen met verschillende soorten partnerorganisaties. Onder andere met de kinderopvang, Schrijverscentrale en/of Schoolschrijver, POI en het mbo werd vaker samengewerkt.

Bibliotheken en scholen belangrijkste financiers van samenwerking

Bij vrijwel alle bibliotheken maken de bibliotheken en scholen zelf budget vrij voor de samenwerking. Het budget dat bibliotheken vrijmaken, is bij bijna alle bibliotheken (96%) ten minste deels structureel van aard. Scholen leveren het vaakst een financiële bijdrage per leerling (43%) of per geleverde dienst of product (33%).

Expertise in de bibliotheek belangrijkste succes, personele bezetting grootste knelpunt

Gevraagd naar de drie elementen waarover bibliotheken het meest tevreden zijn in de samenwerking, noemen bibliotheken de beschikbare expertise in de eigen bibliotheek het vaakst (65%). Dit is voor het eerst: in eerdere edities van dit onderzoek werd de samenwerking met scholen (nu met 63% op een tweede plaats) steeds het vaakst genoemd. Het grootste verschil ten opzichte van vorig jaar zit in het aantal bibliotheken dat het zicht op de effectiviteit van de bibliotheken in de top 3 van grootste successen plaatst. In 2021-2022 deed 4% van de bibliotheken dit, in 2022-2023 16% van de bibliotheken. Mogelijk hangt dit samen met het toenemende gebruik van verschillende monitoringsinstrumenten om de samenwerking met het primair onderwijs te evalueren.

Ondanks de stijging in aantal fte dat beschikbaar is voor de samenwerking met het primair onderwijs blijft onvoldoende personele bezetting (49%) net als voorgaande jaren het vaakst genoemde knelpunt, gevolgd door onvoldoende financiering (36%). Een opvallende toename zit in het aantal bibliotheken dat onvoldoende borging van de samenwerking als één van de drie belangrijkste knelpunten ervaart. In 2021-2022 gold dat voor 21% van de bibliotheken, in 2022-2023 voor 36%. 

Aan de slag met de resultaten

Deze landelijke rapportage biedt diverse aanknopingspunten om het gesprek met de schooldirectie, gemeente en andere samenwerkingspartners aan te gaan. Naast deze rapportage zijn de resultaten van deze meting verwerkt in een landelijke infographic en zijn per provincie infographics beschikbaar voor de POI’s. De bibliotheken die hebben deelgenomen aan het onderzoek kunnen tevens een individuele infographic raadplegen, waarmee de samenwerking met het primair onderwijs ook op lokaal niveau in kaart is gebracht. De provinciale en lokale infographics zijn te raadplegen in de Bibliotheekmonitor.

De landelijke, provinciale en lokale resultaten zijn nader te analyseren via het dashboard Samenwerking Primair onderwijs. Dit dashboard biedt bibliotheken de mogelijkheid hun individuele resultaten af te zetten tegen de landelijke cijfers, de resultaten van de provincie en bibliotheken van vergelijkbare grootte. 

De Bibliotheekmonitorresultaten kunnen gebruikt worden als input voor beleidsstukken en jaarverslagen, voor beleidsvorming en -evaluatie, om te benchmarken en voor interne en externe verantwoording, bijvoorbeeld naar de gemeente en andere subsidieverstrekkers en stakeholders.